De avonturen van een Voedingsassistent

De laatste en enige keer (even afkloppen) dat ik in het ziekenhuis heb gelegen, was toen mijn amandelen verwijderd moesten worden. Ik was toen vier jaar, geloof ik. Sinds die tijd heb ik zelf nooit meer in het ziekenhuis gelegen en ben ik alleen bij mensen op bezoek geweest. Ik heb dus niet veel ervaring met ziekenhuizen, maar dat is enorm veranderd toen ik voedingsassistent werd.

Dat mensen daar niet liggen voor hun plezier dat hoef ik je niet te vertellen. Als ik een ronde met de brood- of maaltijdkar maak, dan probeer ik altijd even een praatje te maken met de mensen. Bezoekuren zijn niet de hele dag door en tot die tijd zien ze eigenlijk alleen de dokter, verpleger of mij. Corona zorgt natuurlijk ook dat er veel niet kan of mag. Ondanks alles maak ik zeker leuke momenten mee en zal er vandaag een paar met jullie delen.

Doordat ik uit Den Haag kom, begrijp ik patiënten soms niet als ze in dialect gaan praten. Sommige dingen zoals suiker, koffie, melk of koek kan ik nog wel raden, maar al gauw kijk ik ze niet begrijpend aan en bied ik als grapje altijd mijn excuses aan voor mijn beperking. De meeste patiënten zeggen het dan in normaal ABN of familie/vrienden vertalen het voor me.

Een keer gaf iemand in het Gronings aan dat hij graag tuinbonen wilde eten. Natuurlijk begreep ik hem niet en na een tijdje raakte we aan de praat. Hij vertelde dat hij niet in Groningen geboren was, maar in Den Haag. Natuurlijk leuk voor mij, want toen hadden iets gemeen. Maar de overeenkomsten bleven niet alleen daar. Toen ik vroeg waar hij precies gewoond had, noemde hij een straat achter het huis van mijn ouders. Uiteindelijk bleken we dus praktisch buren te zijn. Jammer genoeg woonde de man al ruim vijftig jaar niet meer in Den Haag, dus zijn we het nooit echt geweest. Wel zorgde het ervoor dat de man iets leuks had om te vertellen aan zijn dochter en dat ik steeds even bleef hangen om te kletsen met hem en later ook zijn dochter.

Het volgende maakte ik enkele weken geleden mee. Ik deed mijn koffierondje en toen ik vroeg hoe iemand zijn koffie wilde, antwoordde hij: blond en zoet zoals jij. Dit was rond een uur of negen ’s ochtends en was niet helemaal wakker. Misschien snap je gelijk hoe meneer zijn koffie wilde, maar bij mij duurde het een paar seconden. Uiteindelijk begreep ik dat hij melk en suiker wilde en lachte ik om zijn grapje (?). Soms zeggen ze het zo serieus dat ik niet merk of ze het echt menen. Ook vond ik het grappig dat hij me blond vond, want de meeste mensen vinden dat ik bruin haar heb.

Heb jij een mooi ziekenhuisverhaal?

Gepubliceerd door

Deveny Tolboom

Diëtist en voedingsassistent. Combineert al haar wanhoop met de rest van haar persoonlijkheid. Lees al haar berichten op De Algemene Wanhoop

Eén gedachte over “De avonturen van een Voedingsassistent”

  1. Toen opa een keer in het ziekenhuis lag kwam oma met mij en cor op bezoek. Ze was toen al wat dementerend.
    Ze vond de witte broeken niet mooi.
    Een verpleegster was niet zo slank
    Oma in de bocht met uitspraken
    Kan je niks anders aan trekken
    Je ziet je ondergoed
    Je bent te dik voor deze broek
    Alles schijnt door
    En tegen ons….dit is toch geen gezicht.
    Wij met rode wangen en ge-psssttt mondje dicht
    De verpleegkundige knip oog te en zag wel dat oma last van dementie had

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s